Betrokkene heeft in in deze in het kader van zijn lerarenopleiding aan een onderwijsinstelling in januari 2015 een praktijkleerovereenkomst gesloten met de onderwijsinstelling en Mundus, op grond waarvan hij in de periode tussen januari en juli 2015 twee dagen per week Engelse les heeft gegeven aan leerlingen van Mundus. Er is geen vergoeding tussen partijen overeengekomen. Betrokkene heeft de stage met een onvoldoende afgesloten. Partijen twisten of er sprake is geweest van een arbeidsovereenkomst tussen partijen en zo ja, of Mundus in dat kader loon aan betrokkene verschuldigd is.

In zijn algemeenheid verzet de rechtszekerheid zich ertegen dat de ene overeenkomst (in casu de praktijkleerovereenkomst) geruisloos wordt vervangen door een nieuwe overeenkomst (de arbeidsovereenkomst) met een geheel ander karakter. Partijen zijn er immers bij gediend dat duidelijk is vanaf welk moment die wijziging tot stand komt, zodat zij niet overvallen kunnen worden met niet gewenste of niet voorziene consequenties.

Partijen zijn het erover eens dat betrokkene op grond van een praktijkleerovereenkomst is begonnen bij Mundus en dat het doel was dat betrokkenen ervaring zou opdoen door zelfstandig les te geven. Verder hebben partijen een arbeidsovereenkomst uitdrukkelijk uitgesloten en is er nimmer over een vergoeding of loon gesproken (wat een van de essentialia is van een arbeidsovereenkomst). Het feit dat betrokkene zelfstandig werkte en ingeroosterd werd is dus onvoldoende om van een arbeidsovereenkomst te spreken.

Ook op Curacao hebben wij veel te maken met stagaires die een tijdje hier stage komen lopen en een stageovereenkomst aangaan met bedrijven. Deze stageovereenkomsten worden volgens vaste jurisprudentie, waarbij de activiteiten van de stagiair overwegend gericht zijn op het uitbreiden van eigen kennis en ervaring, niet als arbeidsovereenkomst beschouwd. Het feit dat er een kleine (onkosten)vergoeding tegenover staat maakt dat niet anders. Zoals dat in alle gevallen geldt, dient uiteraard wel te worden gekeken naar hoe een en ander is vormgegeven in de praktijk. Indien de stagiair slechts werkzaamheden verricht die niets te maken hebben met de studie en/of die niets toevoegen aan “uitbreiding van kennis en ervaring” in het kader van de opleiding, dan bestaat de kans dat het dus mis gaat. Belangrijk in deze is dus weer om, behalve goede afspraken te maken, ook na te gaan of de praktijk ook aansluit bij wat er op papier staat. Uiteindelijk prevaleert namelijk het eerste!